Ziekte van Pfeiffer

De ziekte van Pfeiffer, oftewel de kusziekte, is de algemene term die wordt gebruikt om een acute virale infectie aan te duiden welke “mononucleosis infectiosa” wordt genoemd. Het virus dat de ziekte van Pfeiffer (klierkoorts) veroorzaakt, is beter bekend onder het Epstein-Barr virus. Pfeiffer treft vooral jonge volwassenen. Een chronische vorm van Pfeiffer is één van de oorzaken van chronische vermoeidheid.

Koorts en keelpijn

Koorts en een zere keel met exsudaat (deposito’s van vloeistof) rond de tonsillen en keelholte zijn typische symptomen van de ziekte van Pfeiffer. Andere klinische kenmerken zijn:

  • Vergrootte lymfeklieren (lymfadenopatie);
  • Uitbreiding van de milt (splenomegalie). Dit gebeurt in 50 procent van de gevallen;
  • Geelzucht (gele verkleuringen van de huid en ogen). Dit komt voor bij ongeveer vier procent van de mensen met de ziekte van Pfeiffer.



De symptomen ontwikkelen zich doorgaans vier tot zes weken na infectie met het virus. Jonge kinderen hebben meestal lichte symptomen, of zelfs geen symptomen van de ziekte van Pfeiffer.

De ziekte van Pfeiffer komt niet specifiek voor op een bepaalde leeftijd, maar kan op ieder moment in het leven optreden.

Besmetting Pfeiffer door nauw contact

De ziekte van Pfeiffer verspreidt zich via nauw, persoonlijk contact en wordt overgedragen door speeksel. Ongeveer 50 procent van de mensen die besmet zijn met het Epstein-Barr virus zullen de symptomen ervaren. Het virus komt het meest voor op de middelbare school en de universiteit. Toch kunnen jonge kinderen ook besmet raken met het virus, door bijvoorbeeld speeksel op speelgoed, gedeelde bekers drinken of via de handen van zorgverleners.

Bloedonderzoek bevestigt de diagnose van Pfeiffer

Als u het vermoeden heeft de ziekte van Pfeiffer te hebben, kan bloedonderzoek uiteindelijk aantonen of u de infectie daadwerkelijk heeft.

Duur besmetting
Uitbreiding van het virus van de farynx (keel), kan optreden na enkele maanden of zelfs langer na infectie. Sommige gezonde volwassenen kunnen langer termijn dragers van het virus worden.

Geen specifieke behandeling
Er is geen specifieke behandeling voor de ziekte van Pfeiffer. U hoeft ook niet geïsoleerd te worden van andere mensen. Als u eenmaal de ziekte van Pfeiffer hebt gehad, zult u een hoog afweersysteem opbouwen voor toekomstige andere infecties. Als uw immuunsysteem echter van nature zwak is, kan de ziekte van Pfeiffer opnieuw optreden.

U kunt niet immuun worden voor de ziekte van Pfeiffer

Om de verspreiding van de ziekte van Pfeiffer te voorkomen, kunt u ervoor zorgen dat u hygiënisch omgaat met uw lichaam, door bijvoorbeeld regelmatig uw handen te wassen. Daarnaast kunt u het beste vermijden om uit dezelfde bekers of glazen te drinken als andere mensen. Desinfecteer daarnaast voorwerpen die vervuild zijn door neus of keel uitwerpselen, zoals bijvoorbeeld zakdoeken.